Uitgebreid menu
U kunt elk gewenst venster weergeven om de draadloze instellingen te configureren of de instellingen te wijzigen.
Dit venster bestaat uit de volgende onderdelen.
Voor iX2500/iX1600/iX1500
Configureer de instelling om de ScanSnap te verbinden met het draadloze toegangspunt.
Het scherm [Verbindingsinstellingen toegangspunt] wordt weergegeven.
Controleer de verbinding tussen de ScanSnap en de computer.
Het scherm [Wifi-verbinding controleren] (voor het controleren van de verbindingsmodus) verschijnt.
Voor iX1300
Configureer de instelling om de ScanSnap te verbinden met het draadloze toegangspunt.
Stel de beveiligingsinformatie en het IP-adres van het draadloze toegangspunt in op een bestemming.
Het scherm [Verbindingsinstellingen toegangspunt] wordt weergegeven.
Configureer de instelling om een directe draadloze verbinding met de ScanSnap tot stand te brengen.
Het scherm [Instelling directe verbinding] wordt weergegeven.
Geef de verbindingsmodus op voor de draadloze verbinding met de ScanSnap.
Het scherm [Instellingen draadloze modus] wordt weergegeven.
Controleer de verbinding tussen de ScanSnap en de computer.
Het scherm [Verbinding met computer bevestigen] wordt geopend.
Voor iX100
Configureer de instelling om de ScanSnap te verbinden met het draadloze toegangspunt.
U kunt meerdere bestemmingen opgeven.
Stel de beveiligingsinformatie en het IP-adres van het draadloze toegangspunt in op een bestemming.
Het scherm [Instelling bestemming] wordt weergegeven.
Configureer de instelling om een directe draadloze verbinding met de ScanSnap tot stand te brengen.
Het scherm [Instelling directe verbinding] wordt weergegeven.
Geef de verbindingsmodus op voor de draadloze verbinding met de ScanSnap.
Het scherm [Vaste instelling draadloze modus] wordt weergegeven.
Controleer de verbinding tussen de ScanSnap en de computer of het mobiele apparaat.
Het scherm [Wifi-verbinding controleren] (voor het controleren van de verbindingsmodus) verschijnt.